A-Z Index Fysiotherapie Luyks
Begrippen Fysiotherapie
donderdag, 23 oktober 2008 12:24

A t/m Z Index Fysiotherapie Luyks

 

 

A

Achillespeesruptuur:

Het is mogelijk dat deze peesruptuur ontstaat omdat de pees niet stevig genoeg is aangelegd of verzwakt is. Bijna altijd is er een snelle en plotselinge spieractie aan de scheuring vooraf gegaan. Een achillespeesruptuur treedt meestal op bij mannen tussen de dertig en veertig jaar, die met enige regelmaat sport beoefenen.

Bij een achillespeesruptuur ontstaat hevige pijn laag achter op de kuit of enkel, die erger of vergelijkbaar is met de pijn bij een spierscheur. Lopen lukt daarna niet of nauwelijks meer.

 

 

Amyotrofische Lateraal Sclerose (ALS):

Amyotrofische Lateraal Sclerose is een aandoening waarbij de zenuwcellen die spieren aansturen worden aangetast. Daardoor vallen steeds meer spierfuncties uit. De oorzaak is nog niet bekend.

ALS begint veelal tussen het 45ste en 60ste levensjaar. De eerste uitvalverschijnselen kunnen in verschillende delen van het lichaam optreden. Zoals in een van de ledematen, de schoudergordel, de heupen, de romp, het strottenhoofd.

ALS tast het verstand en de zintuigen niet aan. Door ALS wordt men meestal niet incontinent. Op den duur worden alle spieren, behalve het hart, aangetast. Uiteindelijk leidt ALS tot de dood. Het tempo waarin de spieren achteruit gaan kan per persoon veel verschillen.

 

 

Arthritis (reuma):

Een ontsteking van een gewricht heet artritis.

 

 

Arthrose :

Artrose is de meest voorkomende gewrichtsaandoening van het bewegingsapparaat.Artrose komt meer voor bij vrouwen dan bij mannen. Men verwacht in de toekomst dat het aantal mensen met artrose zal toenemen als gevolgen van het stijgende percentage personen met een ernstig overgewicht. Artrose is een aandoening van het gewrichtskraakbeen Een gewricht bestaat uit twee botuiteinden die bekleed zijn met gewrichtskraakbeen. Bij een gezond gewricht is dit gewrichtskraakbeen dik en zorgt ervoor dat de botuiteinden soepel ten opzichte van elkaar kunnen bewegen. Daarnaast heeft het een schokdempende werking waardoor grote krachten kunnen worden opgevangen. Bij artrose wordt de kwaliteit van dit gewrichtskraakbeen minder.

 

 

Astma :

Astma is een chronische aandoening van de luchtwegen. Van tijd tot tijd, bij prikkelende stoffen of stoffen waarvoor de patiënt allergisch is, bij een verkoudheid of na een zware inspanning kan een astma-aanval optreden. Deze wordt gekenmerkt door ontsteking en vernauwing van de luchtwegen, waardoor ze prikkelbaarder worden, een vergrote productie van slijm, benauwdheid, hoesten, piepende ademhaling en kortademigheid. De ernst van de klachten kan per patiënt verschillen, variërend van licht tot levensbedreigend.

 

 

B

Beroerte :

Als de bloedvoorziening naar de hersenen plotseling onderbroken wordt, spreekt men van een beroerte. Er kan dan sprake zijn van een hersenbloeding, van een herseninfarct en van een TIA of tijdelijke/voorbijgaande beroerte (zie hieronder). Een beroerte wordt ook wel een stroke (Engels) of een CVA genoemd: Cerebro Vasculair Accident.

 

 

Bekkenfysiotherapie:

Bekkenfysiotherapie richt zich op preventieve en curatieve zorg binnen het gehele buik-, bekken- en lage ruggebied bij vrouwen, mannen, kinderen en ouderen. Het bekken, de gewrichtsbanden, de bekkenbodem en de bekkenorganen beïnvloeden elkaar wederzijds. Een klacht in het bekken leidt zo snel tot een klacht in de bekkenbodem en omgekeerd.

 

 

Bekkenfysiotherapeut:

Bekkenfysiotherapeuten zijn fysiotherapeuten die dankzij een aanvullende opleiding zijn gespecialiseerd in het behandelen van klachten in het gehele gebied van buik, bekken en lage rug. De spieren van lage rug, buik en bekken spelen een rol bij houding en bewegen. Daarnaast hebben deze spieren een belangrijke taak bij plassen, vrijen en ontlasten.
Klachten in het gebied van bekken, buik en bekkenbodem komen voor bij vrouwen, mannen, kinderen en ouderen.

 

 

Botontkalking (Osteoporose):

Botonkalking is het gevolg van afgenomen bot-massa en verstoring van de bot-matrix. Dit leidt tot een afname van de sterkte van de botten en een verhoogd risico op botbreuken, van met name de wervelkolom, heup, pols, bovenarm en bekken. 

 

 

C

Carpale Tunnel Syndroom:

De carpale tunnel ligt in de polsregio, aan de kant van de handpalm (binnenkant van de hand). Het is een klein, omsloten gebied, aan de kant van de handpalm afgesloten door een weinig elastische band. Er lopen o.a. 9 pezen en de mediale zenuw doorheen. Een drukke boel dus. Door verschillende oorzaken kan de ruimte in de carpale tunnel nog minder worden. De zenuw is een van de meest kwetsbare weefsels in de tunnel, en komt daardoor in de verdrukking. Als het lang duurt kan dat zelfs leiden tot beschadiging van de zenuw.

 

 

Claudicatio intermittens:

Claudicatio intermittens of perifeer arterieel vaatlijden (PAV), is een benaming voor pijn in de benen ten gevolge van een vernauwing of afsluiting van een slagader naar of in de benen.

De oorzaak van de vernauwing of afsluiting is vrijwel altijd het gevolg van vetafzetting in de wand van de slagader en verkalking van de wand (atherosclerose). Roken is samen met suikerziekte verreweg de belangrijkste oorzaak hiervan. Er zijn echter ook wel mensen die nooit gerookt hebben en toch deze aandoening krijgen. Tijdens het lopen hebben de beenspieren meer zuurstof en dus meer bloed nodig. Bij gebrek aan zuurstof ontstaat verzuring van de spieren, wat de krampende pijn veroorzaakt.

 

 

COPD:

COPD is een afkorting van de Engelse term 'Chronic Obstructive Pulmonary Disease', dit betekent chronisch obstructieve longziekte (er is dus een aanhoudende obstructie in de longen). Het is een verzamelnaam voor de longaandoeningen chronische bronchitis en longemfyseem. Vroeger vielen deze aandoeningen samen met astma onder de verzamelnaam CARA, maar deze term wordt niet meer officieel gebruikt.

 

 

C.V.A. (herseninfarct/hersenbloeding):

Cerebrovasculair accident (CVA) is de medische term voor een beroerte. Cerebrovasculaire accidenten worden grofweg ingedeeld in bloedige CVA's (hersenbloedingen) en niet-bloedige CVA's (herseninfarcten).

CVA is een belangrijke doodsoorzaak. Ook raken velen invalide door een beroerte.

 

 

D

Dynamic Hip Screw (heupfractuur):

Een dynamic hip screw of DHS wordt geplaatst bij een bepaald type heupfracturen, wanneer het dijbeen breekt op het brede deel vlak voor de dijbeenhals. Het gaat dan om de volgende fracturen; dijbeenhals- breuk (collumfractuur), breuken door de verdikkingen (pertrochantere fracturen) en breuken direct onder de verdikkingen (subtrochantere fracturen).

Een DHS wordt het meest geplaatst bij ouderen, alleen bij een dijbeenhals-breuk wordt er bij kinderen een DHS aangebracht.

Een DHS bestaat uit twee componenten. Een stevige schroef die vanaf de zijkant van de heup wordt ingebracht en een plaatje die aan het dijbeen wordt vastgemaakt. De schroef en het plaatje zijn met elkaar verbonden. Het voordeel hiervan is dat heup in alle richtingen mag worden gebogen en dat er weinig luxatie-gevaar is zoals bij een totale heupprothese. Een nadeel van een DHS is dat het niet volledig mag worden belast waardoor het herstel langer duurt.

 

 

E

Enkeldistorsie:

Een enkel distorsie (zwikken) is een veel voorkomende blessure, vaak gepaard gaande met een beschadiging van de banden aan de buitenzijde van de enkel. Deze enkelband is de band die het vaakst scheurt, vooral bij balsporten en sporten waarbij gesprongen wordt. Afhankelijk van de ernst van de distorsie is de mate van scheuring van het bandencomplex. Bij lichte distorsies kan uitsluitend sprake zijn van een verrekking van de banden, zonder verscheuring. Gedeeltelijke en volledige scheuring (minder frequent) kan voorkomen.

 

 

Etalagebenen:

Etalagebenen, een lekenterm voor claudicatio intermittens of perifeer arterieel vaatlijden (PAV), is een benaming voor pijn in de benen ten gevolge van een vernauwing of afsluiting van een slagader naar of in de benen.

 

 

F

Fysio:

Algemene afkorting voor "fysiotherapeut".

 

Fysiotherapie:

Fysiotherapie (of kinesitherapie) is een paramedische discipline die zich bezighoudt met de behandeling van klachten aan het steun- en bewegingsapparaat van de mens. Fysiotherapie is een beschermd beroep wat inhoudt dat iemand zich alleen zo mag noemen wanneer deze de 4-jarige gelijknamige HBO studie succesvol heeft afgerond en tevens een BIG registratie bezit. Patiënten met klachten met betrekking tot het steun- en bewegingsapparaat worden, ondersteund door oefeningen of verschillende categorieën fysische therapieën geholpen om beweeglijkheid te verbeteren en pijn te verminderen. Er zijn verschillende vormen van fysiotherapie waarmee klachten worden behandeld zoals oefentherapie, massagetherapie en fysische therapie.

De fysiotherapeut doet een lichamelijk onderzoek, stelt een behandelplan op en bespreekt dat met de patiënt. Het is altijd de patiënt die verantwoordelijk is voor zijn eigen genezing. De fysiotherapeut speelt hierbij een ondersteunende rol.

Sinds 1 januari 2006 kunnen mensen rechtstreeks een fysiotherapeut bezoeken als ze klachten hebben; voor deze datum had men een verwijzing van een huisarts of specialist nodig.

 

Fysiotherapeut:

Een fysiotherapeut, kinesitherapeut, ook soms kinesist genoemd, laat patiënten met verschillende lichamelijke klachten oefeningen doen die onder de noemer fysiotherapie vallen.

De fysiotherapeut/kinesitherapeut begint met een vraaggesprek met de patiënt (anamnese). Op basis van de verkregen informatie gaat de kinesitherapeut over tot een kinesitherapeutisc onderzoek, stelt een behandelplan op en bespreekt dat met de patiënt met als doel het beter gebruikmaken van het lichaam, bijvoorbeeld door gewrichten beweeglijker te maken, en pijn te verminderen.

 

 

G

Ganglion (hand/pols):

Een ganglion is een omkapselde holte die gevuld is met geelachtige glijstof. Het ganglion ontstaat vanuit het gewrichtskapsel of vanuit een peesschede. Het komt het meest voor aan de pols, meestal aan de rugzijde, soms aan de binnenkant van de pols.

 

 

H

Haptotherapie:

Haptotherapie is een persoonsgerichte therapie waarbij mensen geholpen worden zich (weer) te openen voor hun gevoelsleven en dat van anderen. Daarbij wordt gestreefd naar het op gang brengen of herstellen van de vanzelfsprekende bevestigende wisselwerking tussen het individu en zijn omgeving.

 

 

Heuparthrose; de Totale Heup-prothese:

Bij artrose is er sprake van een beschadiging van het kraakbeen dat het gewrichtsoppervlak bedekt. De oorzaak van artrose van de heup is meestal onbekend. Klachten treden meestal op na middelbare leeftijd, maar de slijtage van het heupgewricht is dan vaak al 10 tot 20 jaar aan de gang. Vrouwen hebben vaker slijtage van de heup dan mannen.

 

 

Dynamic Hip Screw (heupfractuur):

Een dynamic hip screw of DHS wordt geplaatst bij een bepaald type heupfracturen, wanneer het dijbeen breekt op het brede deel vlak voor de dijbeenhals. Het gaat dan om de volgende fracturen; dijbeenhals- breuk (collumfractuur), breuken door de verdikkingen (pertrochantere fracturen) en breuken direct onder de verdikkingen (subtrochantere fracturen).

Een DHS wordt het meest geplaatst bij ouderen, alleen bij een dijbeenhals-breuk wordt er bij kinderen een DHS aangebracht.

Een DHS bestaat uit twee componenten. Een stevige schroef die vanaf de zijkant van de heup wordt ingebracht en een plaatje die aan het dijbeen wordt vastgemaakt. De schroef en het plaatje zijn met elkaar verbonden. Het voordeel hiervan is dat heup in alle richtingen mag worden gebogen en dat er weinig luxatie-gevaar is zoals bij een totale heupprothese. Een nadeel van een DHS is dat het niet volledig mag worden belast waardoor het herstel langer duurt.

 

 

H.N.P. (informatie voor patiënten na een hernia-operatie):

Hernia nuclei pulposi (ook rughernia of hernia van de tussenwervelschijf), in de geneeskunde ook vaak afgekort tot HNP, is een aandoening van de rug waarbij de tussenwervelschijf uitstulpt. Hierbij kunnen zenuwen bekneld raken, waarbij ernstige pijn kan ontstaan, of zelfs uitval van de zenuw, resulterend in spierfunctieverlies (bijvoorbeeld onvermogen de voet naar de scheen toe te trekken) of een 'doof' gevoel. De pijn kan mild zijn, maar ook zo ernstig dat de patiënt zich slechts op handen en voeten kan voortbewegen.

 

 

I

Incontinentie:

Incontinentie is het ongewild verlies van urine en/of ontlasting. Een vervelend probleem dat kan leiden tot hygiënische en persoonlijke (sociale) problemen. Incontinentie is geen ziekte. Het is een symptoom van het niet goed functioneren van de urinewegen of het darmkanaal. Hoeveel mensen in Nederland incontinent zijn, is niet precies bekend. De meeste schattingen geven aantallen aan van 600.000 -700.000. Met deze aantallen mag het duidelijk zijn dat ieder van ons vroeg of laat hetzij er zelf mee te maken krijgt, hetzij iemand in zijn directe omgeving ontmoet die incontinent is.

 

 

J

 

 

K

 

 

L

Lage rugklachten:

Lage rugpijn heet ook wel spit of lumbago. Patiënten met lage rugpijn hebben pijn onder in de rug. De pijn kan ook uitstralen naar de bil of het been. Vooral lang staan of zitten, maar ook bewegen, kan flink pijn doen. Lage rugpijn komt veel voor. Vier van de vijf mensen hebben wel eens last van hun rug. Sommigen krijgen het maar één keer, bij anderen komt het geregeld terug, maar dat betekent niet dat het dan ernstig is.

 

 

Liesbreuk:

Een liesbreuk (medisch: hernia inguinalis) is een uitstulping van het buikvlies in de liesstreek, waardoor organen die normaal in de buikholte zitten uit gaan puilen.

 

 

M

Multiple Sclerose (M.S.):

Multiple sclerose, meestal afgekort tot MS, is een aandoening van het centraal zenuwstelsel waarbij in de eerste fase, de myelineschede die om veel zenuwvezels zit op sommige plaatsen volgens een willekeurig aandoend patroon wordt aangetast door het immuunsysteem, waardoor bij de patiënt o.a. verlammingsverschijnselen kunnen ontstaan. Multiple sclerose behoort dus waarschijnlijk tot de auto-immuunziektes. Zeker in verdere fases neemt echter ook het hersenvolume af (atrofie).

Multiple sclerose komt vaak voor onder jongvolwassenen, bij vrouwen meer dan bij mannen. De frequentie waarin de ziekte voorkomt verschilt per land en bevolkingsgroep. In de Benelux is de prevalentie 1 op 1000, in Schotland haast 1 op 500. Over het algemeen ligt het aantal MS-patiënten tussen 2 en 150 per 100.000 inwoners.

 

 

N

Nekhernia:

Een hernia is een uitstulping van een tussenwervelschijf. Deze uitstulping kan op een zenuwwortel of op het ruggenmerg drukken. Bij een hernia van de nek treedt de uitstulping op binnen het gebied van de nekwervels.

 

O

Obesitas (overgewicht):

Obesitas (verwante en min of meer synonieme termen zijn overgewicht, zwaarlijvigheid, vetzucht, corpulentie, dikheid, en adipositas) is een conditie van het lichaam waarbij de natuurlijke energiereserve van een zoogdier (zoals een mens), die in vet wordt opgeslagen, gebruikelijke niveaus ver overschrijdt tot aan het punt waarbij de gezondheid in het geding komt. Zwaarlijvigheid is bij wilde dieren vrij zeldzaam, maar niet ongewoon bij mensen en bij huisdieren, die vaak overvoed zijn en te weinig bewegen.

 

 

Osteoporose (Botontkalking):

Osteoporose is het gevolg van afgenomen bot-massa en verstoring van de bot-matrix. Dit leidt tot een afname van de sterkte van de botten en een verhoogd risico op botbreuken, van met name de wervelkolom, heup, pols, bovenarm en bekken. 

 

 

P

Parkinson, ziekte van:

De ziekte van Parkinson begint meestal op latere leeftijd tussen het 50e en 60e jaar. Bij deze leeftijdsgroep komt de ziekte voor bij ongeveer één op de 50 inwoners. Circa 10 % van de patiënten is echter jonger dan veertig jaar. De ziekte wordt vooral gekenmerkt door een voortschrijdende stoornis van de motoriek, die het dagelijkse leven van de patiënten ernstig beïnvloedt en kan invalideren. De bekendste verschijnselen zijn tremoren, pijnlijke spierstijfheid, bewegingstraagheid, een starre gezichtsuitdrukking en lopen met schuifelende pasjes in voorovergebogen houding.

 

 

Q

 

 

R

R.S.I.:

RSI is een verzamelnaam voor klachten, symptomen en syndromen die voorkomen in bovenrug, nek- en schoudergebied, armen, ellebogen, polsen, handen en vingers.
De klachten worden doorgaans veroorzaakt door repeterende bewegingen, een langdurige statische houding of een combinatie van beiden. Verder kunnen persoonsgebonden en werkgebonden factoren een belangrijke rol spelen bij het ontstaan, verergeren of het instandhouden van RSI.

 

 

Rotator Cuff Letsel (schouder):

De schouder wordt gevormd door de aan elkaar verbonden botten van het sleutelbeen, het schouderblad en het bovenarmbeen. Schouderbewegingen vinden dus altijd plaats in samenhang met bewegingen van het sleutelbeen en schouderblad. Het gewricht van de schouder is het meest beweeglijke van het lichaam en is omgeven door een kapsel gevuld met vocht. Dit kapsel beschermt het gebied rond het gewricht en maakt soepele bewegingen mogelijk. Sterke spieren geven het schoudergebied kracht en helpen bij de vele mogelijke bewegingen. Tegelijkertijd geven ze het uitermate beweeglijke gewricht enige stabiliteit. Er zijn twee groepen schouderspieren; spieren die het bovenarmbeen aan de schoudergordel bevestigen en spieren die de schoudergordel aan de romp bevestigen.
Dankzij de constructie van sterke spieren en een veelzijdig gewricht zijn met de schouder zowel voor- en achterwaartse, zijwaartse als draaiende bewegingen mogelijk.

Rugklachten:

 

 

S

Schouder; de totale schouderprothese:

 

 

T

Total Hip replacement:

Een heupimplantaat is een vervanging voor een heupgewricht. Het kan soms nuttig of nodig zijn het natuurlijke heupgewricht te vervangen, als het lopen met het eigen heupgewricht te pijnlijk wordt door uitgebreide artrose of artritis met misvorming en pijn. Een andere reden kan zijn een breuk van de dijbeenhals, waarbij het vaak makkelijker is en sneller betere resultaten geeft de heup te vervangen dan de gebroken heup te repareren

 

 

Total Knee replacement:

Een totale knieprothese is een vervanging van het versleten kniegewricht door een kunstknie. De uiteinden van het bot van het onder- en bovenbeen worden aangepast aan de vorm van de prothese. Het aangetaste kraakbeen, de meniscusschijfjes en de twee kruisbanden worden verwijderd. De twee metalen componenten worden met sneluithardend botcement aan het boven- en onderbeen vastgemaakt. Tussen beide metalen componenten komt de kunststof schijf die zorgt voor het soepel scharnieren van het kunstgewricht. Soms wordt ook de achterzijde van de knieschijf vervangen door een kunststof plaatje.

 

 

U

Urine incontinentie:

Incontinentie is het ongewild verlies van urine en/of ontlasting. De meeste mensen met incontinentie hebben last van urine-incontinentie. De hoeveelheid urineverlies kan bij iedereen verschillen: een druppeltje, een scheut, een straal of zelfs een hele plas. Het komt op alle leeftijden voor, hoewel meer ouderen dan jongeren er last van hebben. Er zijn verschillende vormen van urine-incontinentie. We behandelen nu alleen stress- urine-incontinentie bij volwassenen, dat wil zeggen: ongewild urineverlies bij plotselinge drukverhoging in de buik, zoals bij opstaan, bukken, tillen, hoesten, lachen of sporten. Deze vorm van incontinentie komt voornamelijk voor bij vrouwen. Ook mannen kunnen er last van krijgen, maar dan meestal pas op hogere leeftijd en/of na een prostaatprobleem. Een andere vorm is bijvoorbeeld drang (urge) urine-incontinentie, ofwel ongewild urineverlies in samenhang met plotselinge, zeer sterke niet te onderdrukken plasdrang.

Fysiotherapie kan waardevol zijn voor mensen met stress-urine-incontinentie.

 

 

V

Voorste Kruisband Ruptuur:

Een ruptuur van de voorste kruisband komt voor bij 1 op de 3000 mensen. Er is meestal een behoorlijke kracht nodig om de voorste kruisband te scheuren. Dit betreft overigens meestal geen direct letsel! De meeste kruisbanden scheuren op een moment dat er vaak geen lichamelijk contact is

Andere oorzaken van het voorste kruisband letsel zijn de overmatige plotselinge buiging (hyperflexie) of juist de overstrekking (hyperextensie) van de knie. De patiënt vertelt vaak dat hij de bepaalde activiteit waarbij de kruisband scheurde al "duizenden keren" heeft gedaan.

 

 

W

Whiplash (zweepslag):

 

Een bepaald klachtenpatroon dat we vooral zien bij mensen die als inzittende van een auto betrokken zijn bij een ongeval. Klassiek is de aanrijding van achteren, doch ook bij zijdelingse of frontale aanrijdingen kan het optreden. Op de nek werken grote krachten in door de versnelling en vertraging van het ongeval. Daardoor kunnen letsels optreden zowel van de botten, als de banden en spieren.

 

 

X

 

 

Y

 

 

Z

Zweepslag (whiplash):

Een bepaald klachtenpatroon dat we vooral zien bij mensen die als inzittende van een auto betrokken zijn bij een ongeval. Klassiek is de aanrijding van achteren, doch ook bij zijdelingse of frontale aanrijdingen kan het optreden. Op de nek werken grote krachten in door de versnelling en vertraging van het ongeval. Daardoor kunnen letsels optreden zowel van de botten, als de banden en spieren.